zo 1 maart, 14:30 uur, Lezing door Jan Hovy

(Commissie Bezinning en Cultuur)
Matthias Grünewald en het Isenheimer altaar (1512-1516)

Het Isenheimer altaar van Mathias Grünewald is een van die kunstwerken die je naar de keel grijpt. Het behoort wat dat betreft in dezelfde categorie als Picasso’s ‘Guernica’ of ‘De schreeuw’ van Edvard Munch.
De theoloog Karl Barth had een reproductie boven zijn bureau hangen, in de roman ‘De zwarte schuur’ van Oek de Jong is het schilderij een scharnierpunt in het verhaal, terwijl het voor de 20e eeuwse componist Paul Hindemith de aanleiding vormde voor zijn opera ‘Mathis der Maler’


Om het altaarstuk te begrijpen moeten we teruggaan naar de specifieke context waarin het ontstond,
te weten het hospitaal van het klooster van Isenheim in de Elzas. Daar werden zieken verpleegd die leden aan het St Antoniusvuur, een ziekte die vaak leidde tot gangreen (weefselafsterving). Grünewald weet op magistrale manier de ziekte te verbinden met christelijke thema’s als lijden en dood, maar ook met hoop en liefde.

Tijdens de bijeenkomst in Huizinge zoomen we nader in op de historische betekenis van het Isenheimer altaar. Tegelijk vragen we ons ook af wat de hedendaagse betekenis van Grünewald’s meesterwerk kan zijn.

Datum: Zondagmiddag 1 maart Tijd: 14.30 uur Plaats: t Ol Schoultje

Aanmelden bij Gera van der Hoek vdhoek.gera@gmail.com. Er wordt een bijdrage gevraagd van € 4,00 per persoon.

Petreulie ien kerk

Een tiedje leden mos der weer nije petreulie aanschaft worden veur kachel ien kerk. Want het mos oons netuurliek nait zo vergoan aans dij vief male wichter dij te min eulie bie zich hadden. Dat wie op kerstoavend aain van Ten Berge’s persenail oet ber bellen mouten omdat petreulie op is.

Je waaiten het meschaain nait, mor kachel ien kerk wordt stookt op petreulie. Dat is vanof de joaren zestig van de veurige aaiw zo. Dou is der mit restauroatie een haaidelucht verwarming aanschaft dij mit petreulie stookt wordt. Vrouger zat der denk ik een tank ien grond mor tegenwoordig staait der ien ’t schuurtje’, zo aans aain van de veurgangers zee. Dit is gewoon onder ien toorn, een grode lekbak mit doar ien een vat woar ien wel vieftienhonderd kaan petreulie ken. Dij vat wordt tegenswoordig vult deur drij voaten van twijhonderd kaan der ien over te pompen. Bie ten Berge worden de voaten mit twij honderd kaan vult en din brengt Jan Willem ze mit heftruck noar t hek van kerkhof.

En din komt het grode probleem: din mouten ze nog onder ien toorn. Ze worden din omkiept, zo’n twijhonderd kilo. En over t kerkhof rolt noar onder ien toorn. Vrouger zaten der dikke iezern banden om dij voaten, mor tegenswoordig binnen ze van blik. Din kin aain klain staainje der een gat ien prikken en je hebben een miljeuramp van hier tot Tokio.

Twijhonderd kaan petreulie over t kerkhof; gain tiek of wurm dij dat redt. T gras gait dood en t lopt overaal hen. Dat mout toch aans kinnen. Mor wat kieken op onze ‘vrund’ ien Eemshoaven, Google, en je kommen vanalles tegen. Gewoon ientikken, steekkaar veur voaten van twijhonderd kaan en der komt een haile rits noar veuren woar je mor oet kaizen kinnen. Vrouger mozzen je haile enseklopedie deurspitten, mor tegenswoordeg gaait dat veul makkelker.

Zo’n kaar oetzögt, besteld en hai wer ofleverd. T Bedrief dij hom leverde het nog wel even noavroagd of dat wel de goie was, want een steekkaar veur twijhonderdkaans voaten veur een kerk vonden ze toch wel wat vremd. Heb heur oetduud woar t veur was en binnen een week wer t ding ofleverd. Reint har lege voaten der al mit noar ten Berge brocht en dat ging goud. Dou de volle nog. Dat ging ook wonderwel, zulfs over stuk gras aan t end van pad noar toren.

Wie kinnen nou eerst weer een tiedje waarm kerken. 

Jan Olthof

Terugblik: Janita van Bruggen over het straatpastoraat

De avond over straatpastoraat, door Janita van Bruggen, een van onze voorgangers, was op 12 februari in t Ol Schoultje.

Wat een kans, om uit de eerste hand iets te horen over straatpastoraat. Ieder van ons ziet weleens iemand van wie je vermoedt dat hij of zij dakloos is. En we kennen allemaal de Open Hof, waar we al jaren voor collecteren en waar we kleding voor hebben ingezameld.

Maar daar stopt het voor de meesten van ons. En voor Janita begint het daar pas. Sinds dit najaar, meteen na haar afstuderen als pastoraal werker, kreeg ze twee aanstellingen als straatpastor, één in Groningen en één in Leeuwarden. Een sprong in het diepe, maar een sprong die haar goed past en goed bevalt.
Wat haar aanspreekt is de ‘presentiemethode’: aanwezig zijn en een luisterend oor bieden, zonder meteen te willen ingrijpen. Daarvoor moet je wel zichtbaar zijn voor de mensen op straat, en hun vertrouwen winnen. Ze loopt zelf dus ook veel buiten, maar is ook aanwezig in inloophuizen en
-huiskamers. Ook werkt ze mee aan de wekelijkse vieringen. Die waren vroeger ingebed in de dagopvang, maar tegenwoordig vinden ze plaats in de Sint Jozefkathedraal, voorin de dooptuin. Janita, haar collega en de betrokken vrijwilligers zijn daar hartelijk welkom geheten door de pastoor, maar het is nog even wennen aan de nieuwe plek, ook voor de bezoekers. Er wordt tijdens de viering brood en koffie of thee gedeeld, en mensen kunnen een kaarsje voor iemand aansteken, waar veel gebruik van wordt gemaakt.

We hebben als aanwezigen op deze avond onze vragen afgevuurd op Janita: Wat zeg je als mensen vragen wie je bent en wat je doet? Hoe ziet je dag eruit? Is het aantal dak- en thuislozen gestegen? Is er onderling contact tussen thuisloze mensen? In hoeverre speelt je theologische achtergrond mee in je werk? Uit alle antwoorden bleek hoe nuchter, respectvol en betrokken Janita in haar niet zo eenvoudige werk staat. En hoe belangrijk het is dat ieder mens zich gezien weet. En dat de kloof tussen mensen met en zonder huis wat minder breed wordt.

Als afsluiting deelde Janita uitspraken uit van dakloze mensen, ieder van ons mocht er een voorlezen. Wat een wijsheid kwam daaruit naar voren. Het belang van niet meteen oordelen maar eerst vragen, vriendelijk zijn, elkaar aankijken. Niet te hoge eisen stellen, de ander zichzelf laten zijn.
We waren allemaal onder de indruk van deze avond. En hopen dat Janita, haar achternaam trouw, een brug mag blijven vormen tussen onze gemeente en de mensen die op straat leven.

Barbara de Beaufort

Naschrift van Janita

Op donderdagavond 12 februari vertelde ik over mijn werk als straatpastor. Na afloop kreeg ik van Wike Spoelstra een tas met kleding mee. Thuisgekomen zag ik de sjaals, sokken en mutsen die ze zelf heeft gebreid. Prachtig en hartverwarmend!

De liefde in deze handenarbeid zal zeker worden gevoeld.

Janita van Bruggen

Stoplichten in het dorp

Als ik denk aan vroeger, moet ik altijd denken aan dat liedje van Gerard Cox, Toen was geluk heel gewoon. Vroeger was er hier drukte in het dorp. Er was een kuiperij, een petroleum- en kolenboer, een bakker, een kroeg, een smidse (is er nog). Nog veel eerder was er een telefoniste die de verbindingen tot stand bracht bij degene die al een telefoon hadden. De bus stopte hier vier of vijf keer per dag. Kortom reuring.
Toen wij, Harry en ik, hier kwamen wonen in 1978, was er van de kuiperij, de bakker, de kroeg en de telefoniste niks meer over. Het was een beetje een slaperig, dorpje. Forensendorp. In die tijd konden de kinderen nog spelen op straat want zoveel verkeer was er niet.
De bus door het dorp kon niet meer uit en is ook al jaren uit het straatbeeld verdwenen. Heden ten dage is alleen de brievenbus overgebleven.
En daarmee wil ik helemaal niet zeggen dat er in het dorp niks meer te doen is hoor. Verre van. Landbouwmechanisatiebedrijf Ten Berge is uitgegroeid tot een enorm bedrijf. Dat geeft een andere reuring. De machines worden groter en groter. Als je naast de allergrootste trekker staat, dan voel je je best een beetje nietig. Je moet zo’n exemplaar maar tegenkomen op de E.L. Ubbensweg. Ik rijd denk ik pardoes de sloot in. Je kunt dan immers geen kant meer op.
Vanaf augustus vorig jaar wordt er druk gewerkt om het elektriciteitsnet te verzwaren. En ook dat geeft weer reuring. Er is ondertussen een nieuwe PACO (elektriciteitskast) geplaatst in de bocht van de E.L. Ubbensweg.

Een gedeelte van de Hoofdweg ligt nog open. Bij het verschijnen van deze Nieuwsbrief is dit trouwens al dicht en wordt er verder gegraven aan de Hoofdweg. De Torenstraat komt nog aan de beurt en op het pad naar de kerkboerderij is er ook van alles gaande.
Om dit qua verkeer in goede banen te leiden zijn er, jawel, DRIE stoplichten geplaatst. Eén op de E.L. Ubbensweg, één op de Smedemaweg en één op de Hoofdweg. Als je het slecht treft, moet je minstens zes minuten wachten eer hij weer op groen springt.
En dan te bedenken dat ons huis 50 meter verderop staat en dat je dan best de neiging hebt om toch door rood te rijden…
We kunnen stellig zeggen dat er niet veel mensen zijn die zich aan die stoplichten houden. Ook kerkgangers niet. Maar dat moet een ieder voor zich weten hè. Het is trouwens een dure grap, mocht je daaromtrent toch worden aangehouden.
Als er door de week met groot materieel wordt gewerkt in de straat, zijn er verkeersregelaars om het verkeer in goede banen te leiden. Soms overdrijven ze een heel klein beetje, want ook voetgangers worden dan tegengehouden.
De afgelopen weken was het zo verschrikkelijk koud, dat hebben we allemaal geweten. De mensen die buiten aan het werk zijn ook. Ze waren blauw in het gezicht van de kou.
De bouwkeet staat bij ons achter het huis. Elke week breng ik een pan soep. Het wordt in dankbaarheid aanvaard. Er gaat gerust zo’n vijf tot zes liter soep doorheen. Met een paar man hè. Ik denk wel eens dat er wat overblijft, maar nee, alles gaat schoon op. Of ik breng eens wat lekkers bij de koffie.
Komende week maak ik een pan tomatensoep. Maar nu ben ik wel zo slim om voor ons tweeën er ook een kop uit te halen. Want dat lusten wij natuurlijk ook.

Roely van Leeuwen

Canon begeleiden

Klaas Bolt (1927-1990) was een organist die een zingende gemeente vergeleek met een vrijuit stromende rivier. Het water stroomt waar het wil. Je kunt het wel een bepaalde kant opsturen, er een soort van kanaal van maken, en dan stroomt het vast efficiënter, maar het wordt er allemaal niet mooier op. Je moet de zang de kans geven zijn eigen weg te vinden. En hij vond het de taak van de organist om te zorgen dat de zaak dan niet buiten de oevers zou treden.
Afgelopen zondag had ik, als gastorganist, een bijzondere ervaring. We zongen Psalm 23, waarbij de tweede regel begint met vijf halve noten achter elkaar. Ik speelde, stom, niet uit het hoofd, maar wel kennelijk ongeconcentreerd, drie halve noten en daarna twee kwarten. De gemeente zong, wel enigszins aarzelend, gewoon mee met mijn foute begeleiding. Ik had het zelf niet eens gemerkt, maar een collega organist die vermomd als kerkganger aanwezig was wees me er op.
Bij het derde couplet wilde ik in canon met de gemeente spelen. Ik doe dat wel vaker: bij sommige psalmen en ook gezangen gaat dat heel mooi, mede ook dankzij de rusten tussen de regels. En als het niet naadloos past, lukt het vaak wel met een enkele wijziging in de achteropkomende melodie. In Huizinge werd ik laatst Kees Canon genoemd.
Ik was van plan de canon, vanwege de ingetogen tekst, pas vanaf de vierde regel te starten. Maar toen ik de zingende gemeente begon te imiteren zakte de zang helemaal weg. Ik schrok en schaamde me diep: door mijn canondrang raakten de mensen letterlijk van de wijs. En ik dacht aan Bach, die ooit op zijn kop kreeg omdat hij met zijn “wonderlijke variaties en vreemde tonen de gemeente in verwarring had gebracht…”
Achteraf bleek de vork iets anders in de steel te zitten: de gemeente zong de psalm vanaf het scherm naast de kansel. Maar halverwege het canon-couplet ging er iets mis. Het plaatje bleef staan op de eerste helft van het couplet. Het enige wat je daarna nog hoorde waren een paar voorzichtig zingende kerkgangers die het lied (opvallend, het was een heel nieuwe psalmvertaling!) blijkbaar uit het hoofd kenden.
Ik ben niet dol op zingen vanaf een beamerscherm, hoewel je wel mooi recht vooruit zingt, en niet voorovergedoken in je psalmboek zit. Maar vaak staat bij elk couplet het notenbeeld, en dat helpt niet om een overzichtelijke indruk van de tekst te krijgen, ook al niet omdat niet het hele couplet (dat bleek wel!) in beeld is, maar steeds maar een paar regels. De bladzijde wordt omgeslagen, en even terugkijken is er niet bij. Ook de manier waarop de coupletten in stukken worden geknipt maakt het allemaal niet overzichtelijker. Als je Psalm 68 met zijn 4 x 3 regels verdeelt over drie pagina’s met 4 regels, ziet dat er heel vreemd uit. Ik vind ook vaak dat op die schermen het notenbeeld lelijk is. Voor een goede leesbaarheid maakt men de tekst vaak wel erg groot in verhouding met de noten. En je kan ook niet even kijken, als er een couplet wordt overgeslagen, wat voor couplet dat is, en waarom dat nou zo nodig moet worden overgeslagen! (Dat kun je trouwens met een gedrukte liturgie, zoals in Huizinge, ook niet.) Maar we zongen wel lekker!
Klaas Bolt overigens, in wiens tijd je nog je psalmboek mee naar de kerk nam, vond dat het óók de taak van de organist was om “voor zoveel mogelijk geld een zo hoog mogelijke kwaliteit te leveren”.
We doen ons best!

Kees Steketee

12 februari: Janita van Bruggen over haar werk als straatpastor

Op donderdag 12 februari 2026 zal Janita van Bruggen ons vertellen over haar werk als straatpastor van de Open Hof in Groningen en ze heeft daar het volgende over geschreven:

‘Sinds ik per september 2025 als straatpastor werk, zijn er drie vragen die mij vaak gesteld worden: Wat doe je als straatpastor? Hoe kom je in contact met de mensen van de straat? En…het zal wel heel zwaar zijn? Over mijn antwoorden op die vragen vertel ik graag op 12 februari.

Over de laatste vraag, of eigenlijk een opmerking, alvast een tipje van de sluier… de zwaarte valt best mee. Ja, ik hoor schrijnende heftige verhalen  over hoe het leven van een mens kan verlopen, stuitende reacties van de maatschappij en overheid daarop en voel me vaak machteloos tegenover de stigma’s waar deze groep mensen last van heeft. Maar daarnaast is er ook lichtheid, creativiteit en humor… en een vorm van gelijkwaardigheid. Zij geven mij ook iets. Het is een leerproces daarvoor open te staan en dat te kunnen ontvangen.

De avond op 12 februari bestaat uit drie onderdelen: Graag begin ik de avond met te vertellen over de forse veranderingen in de organisatie van de Open Hof. Vanuit Huizinge is er al jarenlang een grote betrokkenheid. Dat is heel fijn en daarmee is het ook belangrijk op de hoogte te zijn van deze veranderingen. Ze hebben invloed op mijn werk als straatpastor. Als tweede onderdeel informeer ik graag over onze projecten en deel diverse ervaringen die ik in contact met diverse dak- en thuisloze mensen heb opgedaan. Tot slot wil ik ruim de gelegenheid geven om vragen te stellen en daarover met elkaar in gesprek te gaan.

Als er op voorhand al brandende vragen zijn voor deze avond, stel ze gerust per email: janitavbr@gmail.com. De beantwoording daarvan zal ik dan meenemen in deze avond.

Van harte welkom!

Datum: donderdag 12 februari; Tijd: 19.30 uur; Plaats: t Ol Schoultje; Opgave bij Betty van der Molen: bvandermolen2017@gmail.com; Kosten € 4,00

Janita van Bruggen

Edukans

Omdat het 24 januari Dag van het Onderwijs is, mag ik van Betty een tekstje schrijven voor de ‘Edukanscollecte’.

Als ik ‘Edukans’ zie staan dan klopt m’n hart sneller. Dat komt omdat ik ooit drie keer ‘werelddocent’ was en we met een groep docenten uit Nederland hielpen om, ter plekke in India en Ghana, op scholen het onderwijs te ontwikkelen. Bijvoorbeeld door de leerlingen actief te betrekken bij de lessen met behulp van spelletjes in plaats van dag in dag uit het krijtbord over te schrijven of te luisteren naar de leraar. Het was fantastisch om meegemaakt te hebben en ik twijfel of ik nog een keer mee wil. Ik zou me dan voor 1 maart moeten inschrijven en beslissen of ik in juli naar Kenia wil…
Maar meer over Edukans, van de website:

‘Stel je voor dat alle kinderen en jongeren op de wereld een fijne plek zouden hebben om te leren. Een veilige, inclusieve omgeving waar ze zichzelf kunnen zijn en zich ontplooien. Waar ze de vaardigheden ontwikkelen om vorm te kunnen geven aan een gelijkwaardige en duurzame toekomst.
Het is de droom die ons elke dag inspireert. De missie waar we hard aan werken. Want honderden miljoenen kinderen en jongeren krijgen die kans nog niet. Ze leren te weinig op school doordat klassen overvol zijn, goed lesmateriaal ontbreekt en docenten de handvatten missen om hun leerlingen goed te ondersteunen. Voor andere kinderen is er helemaal geen school, of is school geen veilige plek vanwege conflictsituaties of natuurrampen.
Daarom zet Edukans zich in voor kwalitatief en veilig onderwijs voor kinderen en jongeren in landen als Ethiopië, Oeganda, Malawi en Kenia. Niet even, maar gedurende hun hele jeugd. Onderwijs dat ze de vaardigheden bijbrengt om mee te doen in een snel veranderende wereld. Van leren lezen en schrijven tot sociale en digitale vaardigheden. Zodat zij na hun schooltijd kunnen bouwen aan een gezond, stabiel en voorspoedig leven. Wij creëren wereldwijd kansen zodat kinderen en jongeren met vertrouwen hun toekomst vormgeven.’

Prachtig toch?! Edukans kan veel geld gebruiken voor alle onderwijsprojecten, geef s.v.p. met een warm hart. En ik twijfel nog even verder, het is nog lang geen maart.

Dank en groet van

Miriam Geerts

Kunst van Els Brouwer

Een atelier en een kerk in de achtertuin

Al een paar keer heeft een kunstenaar uit Huizinge, een podium gekregen in onze Nieuwsbrief. Deze keer laten we Els Brouwer aan het woord.

‘In 2004 verhuisde ik met mijn kinderen van toen 1 en 4 jaar en mijn man naar Huizinge. We vonden hier een fijn  huis met uitzicht op de kerk. Dagelijks zie ik de torenspits omcirkeld door vogels – waarvan altijd één of meer op t haantje – tegen de achtergrond van altijd andere luchten: het verveelt niet.
Zo’n tien jaar eerder, toen ik Huizinge nog niet eens kende en in Groningen woonde, maakte mijn dierbare Oom Daan, liefhebber van de Romaanse bouwkunst, een rondreisje door Noord-Groningen langs de vele mooie kerkjes. Helaas heeft hij niet mogen meemaken dat wij hier neerstreken, maar nadat ook zijn vrouw was overleden in 2010, vonden we een plakboek van dit reisje met foto’s van onder andere onze kerk.
Dat ontroerde mij: hij was hier geweest, op mijn dierbare plek: het had zijn zegen.

In onze tuin staat mijn kleine atelier, destijds een  van de voorwaarden voor de nieuwe woning.
Daar ben ik graag, al zou ik er soms graag nog meer zijn… maar:
Behalve als beeldend kunstenaar ben ik docent en werk ik met plezier in de kunsteducatie. Zo ben ik vakleerkracht beeldende vorming op Wijland, de basisschool in Middelstum, en werk ik onder andere voor KunstPunt in Groningen, waar ik kunsteducatieprogramma’s ontwerp en uitvoer voor basis- en middelbare scholen, onder andere omtrent Kunst op Straat. Niet zo lang geleden heb ik nog een kunstproject voor basisscholen ontworpen voor Museum Helmantel, wat bestaat uit een koffer vol inspiratie, een handleiding voor leerkrachten en een rondleiding met opdrachten in het museum.

Maar terug naar mijn atelier.
Als kunstenaar is wat ik om mij heen zie uitgangspunt voor wat ik maak. De vormen en lijnen in de natuur interpreteer ik op mijn eigen manier. Dat kan zichtbaar worden in de vorm van een geënsceneerde foto, een houtskooltekening of schildering. Sneeuw is bijvoorbeeld iets wat in mijn laatste werken een hoofdrol speelt: ik kon dus de laatste weken mijn hart ophalen en vol nieuwe inspiratie aan de slag!’

Els Brouwer

Glad

Zondag 4 januari 2026 was er zoals gewoonlijk een kerkdienst om half tien, een dienst waarin ook brood en wijn werden gedeeld. Het aantal kerkgangers was echter beperkt, want het had gesneeuwd en wegen en paden waren glad. De meeste kerkgangers komen uit andere dorpen, velen hadden het dus niet aangedurfd om ongemak en niet denkbeeldig gevaar te trotseren. Zoals vóór 2009 gebruikelijk was, werd de gehele dienst, genoeglijk in een kring, op het koor gehouden.

Naar aanleiding van dit gebeuren moest ik aan onze vroegere organiste mevrouw Jantje Kruidhof denken, die het volgens zeggen ooit eens bestond om over bijna onbegaanbare gladde wegen van Stedum naar Huizinge te komen met oude sokken om de schoenen, terwijl sommige Huizingers het niet hadden aangedurfd de deur uit te gaan.

Andere staaltjes van plichtsbesef stonden in de toespraak die deze stoere dame van kerkvoogd Geert ten Berge mocht aanhoren ter gelegenheid van het feit dat ze vijfentwintig jaar organiste was. Er werd eraan herinnerd dat ze zelfs niet of nauwelijks verstek liet gaan na bevallingen en aan die keer dat de kerkenraad, op een morgen in de winter, had besloten de kerkdienst af te gelasten omdat paden en wegen spiegelglad waren. Waarschijnlijk hebben een paar jongelui de kerkgangers, die toen allemaal in Huizinge woonden, op de hoogte gebracht van het besluit. Jantje Kruidhof echter woonde in Stedum en had, zoals velen destijds, geen telefoon. Een paar gemeenteleden namen het op zich naar Stedum te gaan om haar te waarschuwen.

Schuifelend en strompelend, zoveel mogelijk door de bermen, gingen ze op weg en jawel, halverwege kwamen ze de trouwe mevrouw Kruidhof tegen, die reeds een heel eind op weg was om haar taak te vervullen.

In 1990, toen ze 40 jaar lang het orgel had bespeeld, heeft de kerkvoogdij gezorgd dat ze werd geridderd. Op 1 januari ging ook de gemeentelijke herindeling in waarbij de gemeente Loppersum gestalte kreeg. De eerste ambtelijke daad die burgemeester Pit deed was Mevrouw Jantje Kruidhof ridderen.

Reint Wobbes