NOGMAALS, Omgaan met mensen met dementie, 10 april 2025

19.30 uur in ‘t Ol Schoultje’, Huizinge

Omdat er veel belangstelling was voor de avond van Stefien Jansen, “Omgaan met dementie” en niet alle aanmeldingen gehonoreerd konden worden, organiseert de Commissie Bezinning en Cultuur op donderdagavond, 10 april opnieuw een avond over dit onderwerp. We hebben Stefien bereid gevonden om wederom met ons in gesprek te gaan.

Stefien omschrijft de invulling van deze avond als volgt:
Deze avond zullen we stilstaan bij onze omgang met mensen met dementie en andere situaties waarbij (oudere) mensen geheugenproblemen tonen of verward gedrag laten zien. Wat is dementie eigenlijk?
Als we het hebben over omgaan met mensen met dementie ontkomen we er niet aan om het te hebben over omgaan met elkaar. Wat vinden we daarbij zelf belangrijk? En wat betekent dat wat wij belangrijk vinden in omgaan met elkaar, voor het omgaan met mensen met dementie?
Ik stel me voor dat ik informatie deel over dementie en over vormen van communicatie. Daarnaast wil ik graag met de deelnemers van de avond in gesprek over elementen in de omgang met elkaar die voor jezelf van grote waarde zijn. En vervolgens hoe je kunt streven naar waardevolle communicatie met mensen met dementie.

Het lijkt me van belang dat de avond niet strak volgens definities verloopt, maar dat we er naar zoeken om praktisch van elkaar te leren.

De avond zal gehouden worden op donderdag 10 april 2025 om 19.30 uur in ’t Ol Schoultje. U kunt zich tot 6 april opgeven bij Gera van der Hoek, vdhoek.gera@gmail.com
Zoals gewoonlijk wordt voor deze avond een bijdrage van € 4,00 gevraagd.

Wacht niet te lang met uw opgave als u erbij wilt zijn, het aantal deelnemers is beperkt tot 15.

Verslag van de gespreksavond over mensen met dementie

Op 27 februari was er de bijeenkomst over omgaan met mensen met dementie, geleid door Stefien Jansen, geestelijk verzorger. Er volgt, op 10 april nog een tweede, omdat er een wachtlijst voor deze avond is ontstaan. Vanwege het onderwerp en het bieden van de mogelijkheid tot een interactieve avond is bewust gekozen om de groep niet groter dan uit 15 personen te laten bestaan. Dit bleek een goede beslissing want iedereen had wel een persoonlijke link met het onderwerp. We deelden met ons groepje aan de grote tafel ontroerende, hilarische en verdrietige ervaringen. Wel met de jas aan want er was iets met de verwarming maar de koelte hield ons goed bij de les.

Stefien gaf eerst een theoretische inleiding, soms met aanvullingen uit de groep en daar schets ik een aantal fragmenten uit.

‘Het woord dement is afgeleid van het Latijnse woord ‘mens’ dat geest betekent. Dement kan letterlijk vertaald worden als ‘ontgeest’, ontdaan van geest.’ Oftewel in het dagelijks leven: ‘het verstand doet het niet meer helemaal goed’. Cellen gaan kapot waardoor verbindingen in de hersenen verbroken worden. Hierdoor verandert de gedrags- en gevoelswereld bij patiënten. Het geheugen raakt verstoord evenals de vaardigheid om complexe handelingen uit te voeren.

Dementie is een paraplubegrip voor wel 50 verschillende vormen in dit spectrum. De bekendste en meest voorkomende is Alzheimer. Daarnaast heb je vasculaire, front temporale dementie en noemt Stefien nog Lewy body en Parkinsondementie
Deze avond gaat het er niet om alle details omtrent de ziekte door te nemen maar vooral over hoe je als mens naast die ander, met welke vorm van dementie dan ook, kan staan. Hoe je kan kijken, zoeken naar wat nog wel kan en waarin de contactmogelijkheden liggen.
Besef dat goed ziekte-inzicht door de patiënt bij alle vormen niet mogelijk is.

Erg belangrijk is het ook om te weten dat emoties op een andere manier naar buiten kunnen komen dan we gewend zijn. Dat er een knip kan zitten tussen gevoel en gevoelsuiting. Gevoelens die eerder onderdrukt werden kunnen juist nu doorbreken, standhouden of worden vergroot.

Deze avond leren en oefenen we hoe je beter kan begrijpen, en dus aansluiten, bij verstoord geheugen, gevoel en gedrag. We beginnen bij waar het eigenlijk altijd om moet gaan, ziek of gezond: wat vind jij belangrijk hoe er met je wordt omgegaan??
Vriendelijk, contact met aandacht en verbinding, wederzijdse belangstelling en milde vorm van eerlijkheid en oprechtheid, werden o.a. genoemd.
Ook moesten we bij onszelf te rade gaan welke zintuigen voor ons in contact met anderen belangrijk zijn en welke we vaak gebruiken. Voelen, zien, horen, ruiken…. Alles kwam voorbij.
Dit allemaal bewust zijnde lijkt echte aandacht in combinatie met lichaamstaal de sleutel om aansluiting te zoeken bij de ander. Dat kan in woorden maar vooral door, of in combinatie met, fysieke uitnodiging. Voorbeeld: ga je mee? En dan die vraag versterken door alvast een stap te zetten, een uitnodigende arm aan te bieden.. etc.
Aansluiting zoeken bij iets wat je bij de ander ziet zoals: wandelschoenen aan zien hebben of potloden gaan slijpen van iemand die zit te tekenen.
Een vraag als ‘ga je met me mee’ is een goede vraag, anders dan de vraag ‘waar heb je zin in’.
Sowieso niet te veel vragen. Je als gast gedragen, besef hebben van iemands vroegere functie. De kracht van muziek, de verhalen van vroeger, de natuur….allemaal bronnen van aansluiting.
We hadden er heel veel persoonlijke beelden bij zodat theorie en praktijk heel mooi samenvielen.

Het was erg zinvol om weer eens bewust stil te staan met wat je kunt doen en waar je rekening mee moet houden in contact met iemand die een vorm van dementie heeft.
Het was een intensieve, soms emotionele, maar fijne avond.

Veel dank aan Stefien en aan de voorbereidingscommissie.

Stefien sloot de avond af met een paar fragmenten uit een recente column van Marjoleine de Vos waarvan ik er eentje citeer:

‘Al die vroegere zelven.
Van wie, vraag ik mij af, is mijn verleden?’ schreef Jorges Luis Borges (Argentijnse dichter en schrijver) in zijn gedicht ‘All your yesterdays’.
Wat die eerdere verschijningen deden, wat ze konden en wilden – wie is dat?
Alleen onze verhalen knopen een strik om die hele bundel en zeggen: dat ben ik. Dat ben jij. Altijd zo geweest.’

Aria Hoogendoorn

Huizingers aan de wandel in 2025

Het voorjaar tintelt in de lucht en lokt ons onweerstaanbaar naar buiten!
Hoog tijd om weer te beginnen met onze maandelijkse wandelingen door deze prachtige provincie.
Samen wandelen verbindt, ervaringen worden uitgewisseld, je attendeert elkaar op iets wat je onderweg ziet, je kunt stil genieten, maar er wordt ook veel gelachen.
Vaak is er een kerk opgenomen in de route en kunnen we even naar binnen, bijvoorbeeld in de kerk van Baflo.
Soms drinken we koffie in een café en soms bij een van de wandelaars thuis.

We zetten even op een rijtje hoe het werkt:

  • Via de email sturen we je eenmaal per maand een uitnodiging voor een wandeling, voorzien van een wandelroute.
  • Van maart t/m oktober lopen we elke laatste vrijdagochtend van de maand een route van gemiddeld acht kilometer.
  • Ieder gaat op eigen gelegenheid naar het beginpunt van de route of rijdt samen met iemand anders.
  • We starten om half tien vanaf de startplaats van de route en we kijken altijd verlangend uit naar een terrasje of cafeetje voor koffie.
  • De door ons gekozen routes zijn in Noord-Groningen. Het hele gebied zo ongeveer tussen Zoutkamp en Delfzijl. Naast routes van Spig maken we gebruik van routes van bijvoorbeeld het Groninger Borgenpad of het Groninger Landschap. 
  • Heb je een uitnodiging ontvangen, dan bepaal je uiteraard zelf of je wel of niet meeloopt, maar we ontvangen wel altijd graag even een berichtje.
  • De groep staat open voor iedereen die graag wandelt.  Neem daarom ook je familie, vrienden of buren mee, iedereen die plezier beleeft aan samen wandelen.

We nodigen je van harte uit om met ons mee te lopen! Stuur ons een email of spreek ons aan in de kerk en je krijgt elke maand een uitnodiging. Dit jaar starten we met een route in en rond Baflo.
De wandelingen van dit seizoen zijn op vrijdag 28 maart, 25 april, 30 mei, 27 juni, 29 augustus, 26 september, 31 oktober. Zet ze alvast in je agenda!

Janny Steenstra, tel.  06-308 707 58
email: devries.steenstra@gmail.com                                                                    

Fokke Praamstra, tel. 06-254 559 72
email: fokkepraamstra50@gmail.com

Wil je ook je mobiele telefoonnummer erbij vermelden?

Hartelijke groet en tot 28 maart!

Janny Steenstra en Fokke Praamstra

Een aquarel en een prettig bezoek

Begin december ging op een avond de telefoon. Een montere vrouwenstem groette me in mooi Gronings en noemde haar naam en het dorp waar ze woonde, alles op een toon alsof we elkaar al jaren kenden. Echter de combinatie van haar bekende familienaam en haar woonplaats riepen bij mij geen herinnering op evenmin als haar stem. Toen ze vervolgens zei: “Zoals u weet heb ik een schilderij van Reggie Scherpbier”, dacht ik: “zo begint het dus geheugenverlies”, want ik had geen idee waar ze het over had.
Ze zei dat ze het schilderij weg wilde doen omdat ze vierentachtig is en denkt niet lang meer te leven en dan moet men, zo vond ze, langzamerhand zorgen dat waardevolle dingen een plek krijgen. Ze vervolgde: “u moet het maar komen halen, want het hoort in Huizinge waar de schilder geboren is en het is er ook geschilderd. Bovendien hebben wij er immers ooit contact over gehad.” Ik zei: “ik ben ook vierentachtig, ben ook aan het opruimen, eigenlijk wilt u het probleem op mijn bord leggen”. Ze negeerde mijn weerwoord en zei: “ik ben niet fit meer en kan het schilderij ook niet komen brengen, u bent nog gezond en kunt het halen, dit is mijn adres”.

Een paar weken later, omdat ik toch in de buurt moest zijn, heb ik de dame opgezocht, ook omdat ik me nog steeds een beetje zorgen maakte over mijn geheugen en het kunstwerk wel wilde zien. Het koste moeite het opgegeven adres te vinden omdat ze tamelijk ver van het door haar genoemde dorp woont. Een lange weg langs een kanaal negeerde ik eerst, omdat er in mijn herinnering alleen maar boerderijen staan, maar nee ook een klein woonhuis, het adres. Ze had me kennelijk zien komen want de deur ging open voor ik had aangeklopt. Een kleine gebogen vrouw met een verrassend jong, vriendelijk gezicht begroette me hartelijk. Ik keek in een bomvolle gang, met meubels, kisten, kratten boeken en wat niet al. Dat er evenals bij ons direct achter de deur een emmer stond met klein tuingereedschap als snoeimes, pootschepje en werkhandschoenen gaf mij een thuisgevoel. De kamer die we betraden zag er ook uit als een pakhuis, overal stond, lag en hing iets We verplaatsten ons zijdelings met ingetrokken buik door de wonderlijke inboedel waarover ik boeiende uitleg kreeg. Prachtige Huizinga-meubels, piëdestallen waarop bloemen in fraaie potten, klokken, schilderijen en platen en vooral porselein wat mevrouw verzamelt. Na alles te hebben bezichtigd werkten we ons naar een eettafel waar kennelijk wordt gegeten, geschreven en vooral gelezen en waarop verder van alles en nog wat lag en waarschijnlijk nog ligt. We hebben van half twee tot kwart over vier gesproken over dorpen, gezamenlijke kennissen en gebeurtenissen Steeds greep ze trefzeker in een kast, kist, doos of lade om een opmerking of bewering met een schrijven te schragen. We hebben beiden niet aan koffie en thee gedacht, maar hadden een geweldige middag.

Er werd ook het een en ander opgelost. Ze kende mij van excursies langs oude kerken, van lezingen en van de wekelijkse praatjes die ik hield voor Radio Noord over geschiedenis. Toen ze eens op een veiling de aquarel had gekocht, heb ik op haar verzoek schriftelijk een en ander over de kunstenaar verteld. We kenden elkaar dus, zij mij wat beter dan ik haar. Maar dat is nu rechtgezet. Bij het afscheid pakte ze het kunstwerk in kranten, wilde het absoluut niet betaald hebben en deed me uitgeleide. Ik heb haar een boek beloofd en zal iets voor haar uitzoeken, maar ga dat niet schriftelijk of per mail afhandelen, ik ga het brengen! 

Gezicht op Huizinge vanaf de Smedemaweg,

In de bocht waar nu een bankje staat begon een kleilaan die naar t Ol Boske leidde, de plek waar ooit de borg Fraam stond.

Het pad maakte verderop deel uit van een padenstelsel. Helaas weggemaakt bij de ruilverkaveling.

Reint Wobbes, januari 2025

De vrouw in het ambt

In Huizinge drinken we altijd koffie na de dienst. Dat ging bij mij ooit gepaard met een sigaar, aangestoken aan de paaskaars, en genoten op een grafsteen in de kerktuin. Toen in coronatijd kerkdiensten taboe waren zijn er in Nederland onderzoeken gedaan naar wat kerkgangers het meeste misten. Dat bleek vooral die koffie te zijn, en daarnaast het zingen en de muziek. De preek werd niet bepaald als het grootste gemis ervaren, dit tot teleurstelling van de vele voorgangers die daar week in week uit heel veel energie in stoppen. Het was trouwens qua muziek een gouden tijd: we hadden diensten zonder kerkgangers met liederen die instrumentaal moesten worden uitgevoerd en aldus veel mogelijkheden boden tot mooie orgelbewerkingen. Later deden we het met een klein clubje zangers, de crème de la crème uit de cantorij.
Na de koffie is er de afwas. Ik rook al een tijd niet meer, zit dus ook niet meer op de grafsteen en heb dus alle gelegenheid om me nuttig te maken bij het afwassen dan wel -drogen van de thee- en koffiekopjes. Regelmatig gebeurt het dan dat een vrouwelijke kerkganger mij complimenteert: “Nee maar, een man aan de afwas!” Blijkbaar is dat, voor die vrouw althans, bijzonder.
Misschien was ze wel van huis uit Christelijk gereformeerd. Daar speelt momenteel het probleem van de vrouw in het ambt. Hier en daar vindt men, mét Paulus, dat ze moet zwijgen, maar er zijn ook plaatselijke kerken waar vrouwen wel diaken, ouderling of voorganger mogen zijn. Het gaat er heftig aan toe, en in de krant (niet op het Journaal of bij Hart van Nederland!) zie ik foto’s van vergaderende mannen die koffie krijgen aangereikt van hun vrouwelijke geloofsgenoten. Het heeft iets koddigs, maar ook iets treurigs. En daar waar vrijgemaakten binnen en buiten verband elkaar weer gevonden hebben, dreigt bij de Christelijke Gereformeerden een kerkscheuring.  
In Huizinge hoeft de vrouw niet te zwijgen. Op het preekrooster van dit jaar is de stand man-vrouw 28-33, en in de kerkenraad zitten vooral vrouwen. Ook in de cantorij zijn ze in de meerderheid.
Trouwens: Ook daar drinken we koffie, en ook die kopjes moeten worden afgewassen. Als dirigent voel ik me bepaald niet verplicht, maar ik zag laatst Reint alleen bezig en pakte de theedoek. Een vrouwelijk koorlid greep haar telefoon en wilde het tafereel vastleggen. “Twee mannen aan de afwas!”, riep ze, hetgeen voor mij aanleiding was de theedoek neer te leggen en uit beeld te lopen, intussen worstelend met de vraag wat nou belangrijker was: dat de kopjes werden afgedroogd of dat ik met mijn theedoek liever niet in de nieuwsbrief zou verschijnen met een tekstje over de geëmancipeerde man, die overigens met zo’n foto bepaald niet als een echte geëmancipeerde man zou overkomen, net zoals een wethouder die achter de vuilnisauto gaat lopen om te laten zien dat hij ook maar een eenvoudige burger is, dat dus juist niet is. Hij doet dat één keer, die theedoek bedien ik dagelijks, zonder ooit gefotografeerd te worden.
Reint loste het dilemma op: “Als je de kopjes laat staan zijn ze morgen ook droog.”
Ik deed mijn jas dicht, en toog huiswaarts na weer een heerlijke koorrepetitie.
Maar ik had het over de vrouw in het ambt.
Veel kerken zouden het niet eens redden zonder haar inbreng! Ik zou als Christelijke Gereformeerde Kerk daarom, maar niet alléén daarom, met het oog op de toekomst maar eieren voor mijn geld kiezen, en vrouwen heel snel toelaten tot alle ambten, inclusief koffieschenken en afwassen!

Kees Steketee

Voorgangersgroep

U had het misschien al opgemerkt, maar sinds enige tijd is de voorgangersgroep van de Johannes de Dopergemeente verrijkt met twee nieuwe, jonge krachten. Het zijn Yvonne Hiemstra en Janita van Bruggen, die hieronder wat meer over zichzelf zullen vertellen. Wat zijn we blij met hen! We voelen ons als gemeente gezegend met zo’n fijne, enthousiaste en stevige groep voorgangers.

Yvonne Hiemstra

“Na een opleiding maatschappelijk werk te hebben afgerond ben ik verder gaan studeren. Toen ik mijn doctoraal heb gehaald, heb ik gewerkt voor de gemeentelijke en provinciale overheid en ben daarna (remonstrants) predikant geworden. Het werken voor een kerkelijke gemeente heb ik na een aantal jaren ingeruild voor een baan als geestelijk verzorger. Aanvankelijk heb ik voor een instelling gewerkt. Op dit moment ben ik werkzaam als trainer en trajectbegeleider in de eerste lijn. Het mooie is dat ik mensen ontmoet van diverse pluimage met een uiteenlopende problematiek. Denk hierbij aan zorgmijders, mensen met een verstandelijke beperking, mensen die verslaafd zijn, die kampen met psychische kwetsbaarheden of met justitie in aanraking zijn gekomen. Vaak een hele uitdaging, maar ieder mens doet er toe.

Naast mijn dagelijks werk ga ik nog regelmatig voor op de zondagen. Via mijn man kwam ik in Huizinge terecht. Hij is werkzaam als restauratieschilder en knapte de kerk op. Het bleek voor ons beiden een plek te zijn waar we kunnen aarden. De diensten spreken ons aan. Ik ben gepromoveerd op het Avondmaal en in Huizinge is er elke eerste zondag van de maand een maaltijdviering. De diensten worden met zorg en aandacht voor liturgie en muziek vormgegeven. Opdat de Geest in alle vrijheid haar werk kan doen!”

Janita van Bruggen

“Nu ik ook lid ben van ‘de bende’ van voorgangers, is mij gevraagd mezelf aan jullie voor te stellen. Tja en wat vertel je dan over jezelf… Ik houd het bij iets korts over mijn werk, de ontwikkeling naar mijn huidige studie (en daarmee het voorganger zijn) en iets heel korts over mijn religieuze roots en ontwikkeling.

Ik werk ruim 25 jaar in de letselschadebranche. Eerst gericht op het juridische, later meer de sociale/menselijke kant. Die combinatie heeft lang bij mij gepast. Sinds 2010 begeleid ik mensen, die door een verkeersongeval forse beperkingen opgelopen hebben, bij het vinden van een nieuw evenwicht en perspectief. De grootste groep cliënten heeft (niet aangeboren) hersenletsel. Naast alle concrete hulp vind ik het belangrijk aandacht te hebben voor het onoplosbare, voor de gevoelens van rouw om een veranderd leven. Dit laatste was voor mij reden me te oriënteren op het beroep van geestelijk verzorger en in deeltijd te starten met de studie Theologie en Levensbeschouwing.

Ik heb een best stevige protestantse opvoeding gehad. Gelukkig het kind niet met het badwater weggegooid. Wel continu op zoek gegaan naar de betekenis van (bijbel)verhalen over God en mens voor deze tijd, voor mijn leven nu. Soms was dat verwarrend. Steeds vaker bevrijdend en verrijkend. Gaandeweg ben ik mijn christelijke wortels opnieuw gaan waarderen. Het gedicht Heb je vragen lief van Rilke is daarbij wel een soort levensmotto geworden.

Naast het werken en studeren hou ik van wandelen, film, theater en (kleine) concerten. Ook kun je me in juni op Terschelling tegenkomen bij het Oerolfestival. Ik ben getrouwd met Kees en we zijn allebei blij de kerk in Huizinge te hebben ontdekt. Tot slot vind ik het ontzettend leuk en inspirerend lid te zijn van de voorgangersgroep!”

Heb je vragen lief

Heb je vragen lief
Heb geduld met alles wat onopgelost is in je hart
en probeer je vragen met liefde te bezien,
als kamers die gesloten zijn.
Of als boeken in een volslagen vreemde taal.
Zoek nog niet naar antwoorden.
Die kunnen je nog niet gegeven worden,
omdat je niet in staat zou zijn ze te leven.
Het gaat erom alles ‘te leven’.
Leef nu de vragen.
Misschien zul je dan geleidelijk,
zonder het te merken,
jezelf, ooit op een dag,
in het antwoord terug vinden.

Rainer Maria Rilke

uit: Brieven aan een jonge dichter; Balans, 2009

Terugblik: Poëziemiddag over Judith Herzberg

onder leiding van Jan Hovy

Het was ontzettend mistig en verstild weer op zondagmiddag 19 januari.
Weer dat eigenlijk heel goed paste bij het samen lezen van een aantal gedichten van Judith Herzberg. Ons zicht op wat zij ogenschijnlijk zo eenvoudig had opgeschreven was niet meteen helder. Door elkaar te laten vertellen wat hij of zij meende te zien kwam er meer licht op haar taal en soms konden heel verschillende gezichtspunten ook prima naast elkaar bestaan.
We waren met 14 personen totaal, een wat kleinere groep dan gepland vanwege ziekte, het weer en familiezaken. Doordat de groep niet zo groot was en omdat er rust genoeg was om naar elkaar te luisteren, werd het samen lezen en bespreken van de gedichten een mooi avontuur. Jan Hovy had een boeiende en zeer gevarieerde keuze gemaakt uit de ruim 1000 (!) gedichten die Judith tot nu toe geschreven heeft en deze waren gebundeld in een boekje (met veel dank hiervoor aan Roely).

Voorafgaand aan het samen lezen hield Jan een beknopte inleiding over het leven van Judith.
Ze werd op 4 november1934 in Amsterdam geboren als dochter van Abel Herzberg en Thea Herzberg-Loeb. De Tweede Wereldoorlog diende zich al snel aan en had grote gevolgen voor het hele gezin. De sporen die hierdoor werden nagelaten zijn in veel gedichten van Judith terug te vinden.
Meteen al in 1940 werd het gezin geïnterneerd in Kamp Barneveld en in 1943 op transport gezet naar Westerbork maar dankzij dienstmeisje Jo wist Judith met een broer te ontsnappen. Zij heeft op verschillende onderduikadressen gezeten waaronder een adres in Groningen. Het gezin werd ondanks alles toch in 1945 weer met elkaar herenigd. Haar ouders hadden Bergen-Belsen overleefd. Judith schreef over het weerzien met haar moeder het volgende indringende gedicht (uit de bundel ‘Beemdgras’).

Ik had in jaren niet zo’n stad gezien                                                              
en in geen jaren onderaan zo’n trap gestaan
als op die warme dag, in net zwart goed
en leren schoenen en bovenaan
stond, zag ik vaag, mijn vreemde moeder
die ik moest gaan zoenen.

Het zacht geknuffel waar ik me
avond aan avond mee de oorlog uit
en in de slaap verzonnen had –
het stond nu tussen ons, ik was te groot
te mager en te boers. Ik nam
het allemaal terug en bovendien,
was dit mijn moeder wel?

Kom boven, zei ze, kom boven
en knipoogde om me gerust te stellen
maar knipoogde met beide ogen tegelijk.
Het leek me beter het vertraagde afscheid
nu meteen te nemen
maar wist niet hoe haar aan te kijken
met mijn moeilijke ogen.

Over dat dienstmeisje Jo is vorig jaar een door Judith geschreven en samengesteld boekje uitgekomen, Jo. Jan vertelde dat deze Jo enorm belangrijk is geweest in het leven en werk van Judith, wat zo treffend wordt verwoord in deze bijzondere uitgave.
Jo was veel meer een moeder voor Judith dan haar, door de oorlog beschadigde, echte moeder Thea. In dit boekje worden ‘versleten en onzekere herinneringen’ aan Jo geïllustreerd met foto’s en ander beeldmateriaal.
De eerste regel begint met deze veelzeggende woorden: ‘25 mei 2020 De allergrootste liefde van mijn hele leven, dat weet ik nu zo langzaamaan wel zeker, was de liefde voor Jo’.

Naast gedichten schreef Judith ook toneelstukken en scenario’s en was ze vertaalster (bijvoorbeeld ‘Leven of Theater’ van Charlotte Salomons).
Judith heeft een heel eigen stijl van schrijven. Er wordt wel verwantschap genoemd aan de Barbarber groep die in 1958 een tijdschrift voor teksten oprichtte. Ook is er een link naar de kunstvorm ‘Ready Made’ (waarin een industrieel object uit de alledaagse context wordt gehaald en tot kunst wordt bestempeld door het in een museale omgeving te tonen).
Behalve ernstige gedichten schrijft Judith ook lichtvoetige. Verder is er in haar werk het grote belang van bepaalde woorden, woorden waar we soms ‘te slordig’ mee zijn. Als voorbeeld komt het woord ‘laven’ ter sprake. Wanneer gebruik je dit woord nog?

Jan noemt ook mensen met wie Judith contact had, zoals de dichter Chris van Geel met wie zij jarenlang brieven heeft geschreven, brieven die helaas grotendeels door een brand zijn verwoest.
Ik las op internet dat er nog wel een bundel van een aantal brieven te vinden is.

Tot slot horen we dat Judith ook bewerkingen heeft gemaakt van het Hooglied (‘liefdesliedjes’) en Klaagliederen (‘klaagliedjes’) maar toen was de middag al bijna voorbij. We concludeerden dat we eigenlijk heel graag een vervolg op deze bijeenkomst wilden hebben en daar gaf Jan gehoor aan!
Als het lukt verzorgt hij in september een lezing over de ‘liefdes-en klaagliedjes’.
Het is maar een fractie van wat we deze middag over het leven en werk van Judith Herzberg hebben besproken dus of het bij één vervolg zal blijven…. ?

Ik rond mijn verslagje af met nog één van de met elkaar gelezen gedichten:

Mussen                                                                

Neem één musseveer-
probeer ze weg te denken
die er mee vliegen, de
Cyperse dames en heren
maat jutteperen- en je bent
nergens meer.

De middag werd afgesloten door Grietje die Jan heel erg bedankte met woorden maar ook met een leuk Gronings pakketje. We gingen weer de mist in (letterlijk dan 😊) maar zijn allemaal goed thuisgekomen!

Aria Hoogendoorn

Om het licht

Soms kom je iets tegen. Een collega plaatste op een medium van Zuckerberg een afbeelding van een mannetje met zwiepend zwaard, en daarachter op de achtergrond een tank. Zo’n groen ding op rupsen, die zich maar niet vredig ontpopt tot vlinder, maar uit een hele lange pijp dood en verderf laat regenen. Heet vuur uit koud staal. Daarboven geschreven:
“Een vrij en onafhankelijk Oekraïne = een Europa zonder oorlog”.
Oekraïne, een land gelegen buiten Europa’s machteloosheid. Ja, daar wil je je wel bij aansluiten, een staat van machteloosheid in een omgeving waar omheen machthèbbers en machtgraaiers guren. Daar waar machteloos een positieve connotatie krijgt. Want waar alleen kun je jarenlang debatteren over een standaard voor een snoertje voor de telefoon, terwijl ik mijn telefoontje ten tijde van het uittikken van mijn gedachten draadloos energie laat tanken. Tanken, symbool van machthebbers die dat wat ze hebben willen verdedigen. En wij doen mee, defensiebegrotingen worden volgepompt met materiaal van verderf, maar wil je geld uitgeven aan angst? Ik niet, niemand niet als ik op de man of vrouw afvraag. Moet denken aan mijn vader die eens zei ‘op het moment dat ik mijn postzegelverzameling moet verzekeren, dan mogen ze hem hebben’. Het staat vrijwel waardeloos bij mijn moeder in de boekenkast en is op die plek van waarde.

Een vrij en onafhankelijk Oekraïne. Hoe beëindig je een oorlog? Mijn gedachten dwalen terug aan de warme preek, die ook troostwoord had kunnen heten van Anja. Uiteindelijk bestrijd je oorlog met andere wapens dan verwacht: compassie, medeleven, rechtvaardigheid, respect, humaniteit en uiteindelijk liefde. Liefde waarin je verschillen omarmt om liefde zelf. Afkomstig uit de bron van de Vier kardinale deugden: wijsheid, rechtvaardigheid, zelfbeheersing en moed, gecompleteerd met de goddelijke deugden Geloof, Hoop en Liefde en niet zoals de regering Schoof het doet geloven, dat de hoop gestut wordt door de lelijkheid van trots en lef.

Om het licht 

Om het licht gekomen zijn
kaarsvlam in ons midden
ene vlam die allen vat
aller ogen bidden
dat het hart verlicht mag zijn
goed en recht mag schouwen
pad van waar
zijn wordt gegaan
dag aan dag betrouwen 

Herman VerbeekBron:
Liedboek van Aarde

Bestrijdt de ander met andere wapens, dan waarmee jezelf bestreden wordt. In het lied ‘Om het licht’ van Herman Verbeek staat als naschriftje van het lied iets geschreven dat wellicht tot nadenken stemt: “… kaarsvlam, vereniging. Allen bekennen zich tot het licht, oorsprong van alle leven van aarde. Teken ook van helderheid van geest, van waakzaamheid en scherpte. En van een warm brandend hart. Toen in 1989 kaarsen van Leipzig de Muur doorbraken en een einde maakte aan 40 jaar DDR-dictatuur, zei de politie-commissaris: “Wij hadden met alles gerekend, maar niet met kaarsen, daar waren we niet tegen gewapend.”

Juist door dat wapen, een kaars van hoop, ging bij de ander ook het licht, het inzicht van het knagende geweten op. In plaats van die automatische reflex van terugschieten. Dat vergt moed in een situatie moedeloos. Durf tegen bewapening, ontwapenend te zijn.

Boven mijn schoorsteenmantel hangt een schilderijtje. Gekocht in de kringloop in Middelstum opgericht om een koor mede te bekostigen waar Annemarie, Roely en ondergetekende op maandagavond geregeld het ‘Dona Nobis Pacem’ zingen. Net zoals het wereldtoneel zou kunnen zijn, in canon en veelstemmig. Met elkaar, door elkaar voor elkaar. Het schilderijtje, in de rechteronderhoek gesigneerd met de letters S.P., waarbij kenners dan weten dat het een echte Sieds Prins betreft, die zoals u weet als theoloog de structuurverf van de themadiensten en voorgangersgroep heeft geschetst. Het schilderijtje  ademt de kleuren van de Ukraïnse vlag. Blauw boven, geel onder. Uiterst vriendelijk, gele tulpen onder een blauwe hemel. Waar niet de ene vlag de ander bestrijdt, maar waar in een andere vorm iets ontstaat. Gestut door twee brandende kaarsen van hoop en licht.

Waar je dan ineens kan horen, net als toen bij die muur: “Wij hadden met àlles gerekend, maar niet met tulpen en licht, daar waren we niet tegen gewapend.”

Hinrick

‘Zusters van het gemeene leven in Deventer’ (donderdagavond 20 maart) met Nelleke Boonstra

Op donderdagavond 20 maart komt Drs. Nelleke Boonstra ons vertellen over “Zusters van het gemeene leven in Deventer”.

Het begin van de beweging ‘Moderne Devotie’ in de middeleeuwen.

In de 14e eeuw was het leven in kloosters vaak niet al te vroom. Vernieuwing was nodig. Een van de bewegingen die dat in gang heeft gezet was de beweging van Thomas à Kempis : ‘ Moderne Devotie’. Een krachtige beweging die in grote delen van Europa in kloosters venieuwingen bracht in de 15e eeuwocht o. En later.
We gaan het deze avond hebben over de oorsprong van deze beweging. En dat gaat niet over kloosters.
Het is Geert Grote, die met afkeer van de bruidsschat om in te treden in het klooster (dus niet voor arme mensen), een andere samenlevingsvorm zocht voor mensen die deugdzaam wilden leven. Hij stelde zijn huis beschikbaar voor arme vrouwen, en stelde het onder beheer van de stadsraad van Deventer. Het is 1374.
Zo ontstaat de gemeenschap ‘zusters van het gemeene leven’ in Deventer.
We focussen deze avond op het zusterhuis, wie waren zij, hoe leefden zij en welke uitstraling hadden zij naar andere plaatsen? Deze vrouwen hadden namelijk met hun leefgemeenschap en hun devote leven een grote uitstraling in Deventer, de omringende steden, Holland, tot ver in het Rijnland, de grens over .
We lezen een paar bronteksten uit 1450 van het zusterhuis zelf en verkennen invloed van de beweging van deze zusters (en broeders) in Groningerland. 
drs. Nelleke Boonstra.

Ze heeft onderzoek gedaan naar Geert Grote en de beweging in Deventer in de 13e en begin 14e eeuw.

Plaats: ’T Ol Schoultje
Tijd: 19.30 tot 21.30 uur
Opgave: bij Hinrick Klugkist, 06-30078371 of via de mail klugkist@icloud.com
Kosten € 4,00

Omgaan met mensen met dementie (donderdagavond 27 februari) met Stefien Jansen

Op donderdag 27 februari a.s. organiseert de Commissie Bezinning en Cultuur een avond waarop Stefien Jansen met de deelnemers in gesprek zal gaan over dementie en zij omschrijft de invulling van deze avond als volgt:

Deze avond zullen we stilstaan bij onze omgang met mensen met dementie en andere situaties waarbij (oudere) mensen geheugenproblemen tonen of verward gedrag laten zien. Wat is dementie eigenlijk?
Als we het hebben over omgaan met mensen met dementie ontkomen we er niet aan om het te hebben over omgaan met elkaar. Wat vinden we daarbij zelf belangrijk? En wat betekent dat wat wij belangrijk vinden in omgaan met elkaar, voor het omgaan met mensen met dementie?
Ik stel me voor dat ik informatie deel over dementie en over vormen van communicatie. Daarnaast wil ik graag met de deelnemers van de avond in gesprek over elementen in de omgang met elkaar die voor jezelf van grote waarde zijn. En vervolgens hoe je kunt streven naar waardevolle communicatie met demente mensen.

Het lijkt me van belang dat de avond niet strak volgens definities verloopt, maar dat we er naar zoeken om praktisch van elkaar te leren.
Bij nader inzien hebben we afgesproken dat we met maximaal 15 deelnemers werken om een goed gesprek mogelijk te maken. Mocht er veel meer belangstelling zijn dan herhalen we de avond later nog een keer.

Deze avond zal gehouden worden op donderdag 27 februari 2025 om 19.30 uur in ’t Ol Schoultje. U kunt zich tot 23 februari opgeven bij Betty van der Molen graag per mail: bvandermolen2017@gmail.com 

Zoals gewoonlijk wordt voor deze avond een bijdrage van € 4,00 gevraagd.