Ik geloof in de menselijke maat

‘Dorpskerken Noorden dragen bij aan de leefbaarheid’

Het kerkje van Huizinge. Foto Archief /Jan Willem van Vliet – Overpeinzing van Jolanda Tuma in DvhN, 21-03-2019

Politici spreken kiezers niet aan als mens. Dat gebeurt wel in onze dorpskerken, waar de bezoekers elkaar kennen en zorg dragen voor elkaar.

‘Als we allemaal een uurtje eerder zouden gaan slapen, hadden we veel milieumaatregelen niet nodig’ hoor ik hem zeggen. Het is zondagmorgen en we staan in het piepkleine keukentje van de kerk van Huizinge, bekend van ‘de beving van 2012’ die de aardbevingsproblematiek in een stroomversnelling bracht. We wassen de koffiekopjes af van de kerkgangers, hij wast, ik droog. De kerk van Huizinge, het is een plek waar ik heel graag kom, als kerkganger, als voorganger, als muzikant, maar bovenal als mens. Het is een plek waar mensen elkaar elke zondag ontmoeten, waar mensen elkaar bij naam kennen, waar mensen welkom zijn, en waar we worden aangesproken met die woorden uit Genesis: ‘Mens, waar ben je?!’

‘Als we allemaal een uurtje eerder zouden gaan slapen…’ Het blijft doorsudderen in mijn hoofd. Het zijn zulke eenvoudige woorden, maar zo waar. Net zo eenvoudig en waar als die andere woorden: ‘Als je de bodem leegpompt, dan is het gevolg dat er iets met die bodem zal gebeuren. Dat snapt toch ieder kind.’

Het is verkiezingstijd en hoewel het om provinciale verkiezingen gaat, zijn het zoals altijd de landelijke coryfeeën die in de media over elkaar heen buitelen in de strijd om stemmen. De gesprekken worden beheerst door het thema klimaat. Ik volg het tumult aan de welbekende tafels in de uurtjes dat ik eigenlijk had moeten slapen, maar kan het toch niet laten om te horen hoe onze politieke leiders denken over dit zo belangrijke thema. Wat me dan vooral opvalt, is dat ik helemaal niet wordt aangesproken als mens. Het klimaat gaat niet over mij, maar over de CO2-taks, over de driehonderd grootste bedrijven, over de economie die nog harder moet draaien. Ja, ik mag een elektrische auto aanschaffen en een warmtepomp, mocht ik daar ooit het budget voor bij elkaar hebben geschraapt; en als ik maar op de juiste partijen stem zullen we als doekje voor het bloeden op onze bankrekening zien dat de energieprijzen zullen dalen: stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw. De heren in Den Haag waken over je. Ga nu maar lekker slapen. De materie is zo complex daar kunnen alleen echte experts iets over zeggen.

En ik val inderdaad in slaap, op de bank, in mijn huis vol scheuren in Noord-Groningen, terwijl de coryfeeën verder bekvechten over zaken die niets met mij te maken lijken te hebben. De vraag ‘mens, waar ben je?!’ wordt door hen niet meer gesteld. Hoe anders is dat op de zondagmorgen in die fantastisch mooie kerk in Huizinge. En niet alleen daar. Als dorpskerkambassadeur voor Noord-Nederland kom ik tegenwoordig in allerlei dorpen in Groningen, Drenthe, Friesland en Noord-Holland en ontmoet daar mensen die samen zorg dragen voor hun kerk en voor hun dorp. De dorpskerkenbeweging van de Protestantse Kerk in Nederland is een half jaar geleden in het leven geroepen om kerken te motiveren om haar rol in de leefbaarheid van de dorpen serieus te nemen, om te kijken wat de kerk aan boord heeft en hoe dit ook ten dienste kan staan van de gehele gemeenschap. En wat we nu ontdekken is dat die beweging natuurlijk al lang gaande was. Op allerlei manieren verzetten mensen op de eigen vierkante meter onvoorstelbaar veel werk in de zorg voor de ander (diaconaat), de zorg voor de ziel (pastoraat) en de zorg voor de aarde (rentmeesterschap). En dat alles op vrijwillige basis. Ieder naar eigen vermogen en naar eigen inzicht.

Eén van de talloze voorbeelden van hoe kerken bijdragen aan de leefbaarheid hoorde ik laatst in Friesland. De dorpsvereniging had in samenspraak met onder andere de kerk een sneeuwschuiver aangeschaft want, ook al gebeurt het niet vaak, toch sneeuwt het nog wel eens in Nederland. De doorgaande wegen worden dan al snel schoongeveegd zodat de economie kan blijven draaien, maar aan de smallere wegen wordt niets gedaan zodat veel ouderen onmogelijk het huis uit kunnen. Met de gezamenlijke sneeuwschuiver en veel vrijwilligers zorgt men ervoor dat ook de smalle straten toch begaanbaar blijven. De kerk had niet alleen een financiële bijdrage geleverd, maar zorgde (hoe symbolisch) ook altijd voor het zout…

Zo eenvoudig. En dit is nog maar één van de vele voorbeelden. Op allerlei manieren gebeuren er grote en kleine wonderen wanneer mensen worden gekend en aangesproken: ‘Mens, waar ben jij?!’ Wat kun jij doen voor de samenleving, voor het klimaat, voor de ander, voor de aarde? In honderden kerken worden elke zondag die vragen gesteld. Mensen worden uitgenodigd om op eigen wijze, naar eigen vermogen deel te nemen aan de samenleving, de aarde te bewaren en te beheren met als leitmotiv rentmeesterschap.

Ik heb heus wel gestemd, want dat zie ik als mijn plicht, maar er in geloven doe ik allang niet meer. Waar ik wel in geloof is de menselijke maat, in de gesprekken in dat piepkleine keukentje in Huizinge en in al die andere kerken in Nederland, waar de eersten de laatsten zijn en de laatsten de eersten, waar je wordt gekend, waar je wordt bevraagd op wie je bent en waar de eenvoudige oplossingen vaak de beste zijn. Daar heb je geen experts voor nodig, wel wijze mensen. En die wijze mensen zijn overal! Maar je ziet ze niet want ze vinden het volstrekt vanzelfsprekend dat je zorgt voor de ander, voor de ziel en voor de aarde. Dat snapt toch ieder kind?

Jolanda Tuma is dorpskerkambassadeur van de Protestantse Kerk Nederland voor Noord-Nederland.

Optimist Jolanda Tuma: als ongelovige is een kerk ook jouw thuis

De Nederlandse kerken lopen leeg. Inmiddels geeft 51 procent van de Nederlanders aan ‘ongelovig’ te zijn. De rol van de kerk is nog lang niet uitgespeeld, zegt Jolanda Tuma. Zij is dorpskerkenambassadeur van de Protestantse Kerk en schreef voor de rubriek ‘De optimist’, een warm pleidooi.

https://www.nporadio1.nl/radio-eenvandaag/onderwerpen/479341-optimist-jolanda-tuma-als-ongelovige-is-een-kerk-ook-jouw-thuis

Onderhoud en herstel Johannes de Doperkerk

In de periode tussen Pasen en de zomervakantie zullen zoals bekend in en aan onze kerk werkzaamheden worden uitgevoerd. We hebben ervoor gekozen om het herstel van de aardbevingsschade te combineren met het groot onderhoud in het kader van de regeling voor Rijksmonumenten. Het werk zal worden uitgevoerd door Bouwbedrijf Dijkstra de Graaf uit Engwierum, dat gespecialiseerd is in onderhoud en herstel van monumenten en daarvoor ook regelmatig wordt ingeschakeld door de Stichting Oude Groninger Kerken. De bouw-regie is in handen van architectenbureau O.V.T. uit Groningen.

De belangrijkste werkzaamheden in het kader van het groot onderhoud zijn: herstel van metsel- en voegwerk, deels aanhelen/vervangen van de galmborden in de toren, het inkorten van de onderste rij dakpannen rondom en glas- en schilderwerk. Het vernieuwen van de bestrating is inmiddels uitgevoerd, mede dankzij de bijzondere inzet van leden van onze gemeente.

De aardbevingsschade bestaat hoofdzakelijk uit scheuren in het pleisterwerk van de gewelven. Het herstel daarvan is uitermate specialistisch werk, zeker waar het ook de schilderingen betreft.

Om het werk goed te kunnen uitvoeren en het interieur van de kerk te beschermen moeten er nogal wat maatregelen worden genomen. Zo moeten de orgels en de preekstoel worden ingepakt en de banken en vloeren worden afgedekt. Er komen steigers in de kerk en buitenom zal waarschijnlijk een hoogwerker worden gebruikt.

Het werk zal naar schatting tien weken in beslag nemen. De aannemer begint in week 18, dat is op 29 april. Op eerste paasdag kunnen we voor het laatst in de kerk terecht, daarna wijken we uit naar de plaats Melkema. De Stichting Het Groninger Landschap is zo vriendelijk ons de kleine schuur ter beschikking te stellen. Dat is natuurlijk iets totaal anders dan onze mooie kerk, maar we kunnen er met man en macht vast wel een bruikbare en sfeervolle ruimte van maken.

We zijn bezig met het opstellen van een draaiboek voor wat er allemaal gedaan moet worden. Daarover binnenkort meer.

Namens de kerkrentmeesters,

Dick Jalink  

Uit de keuken van het voorgangersteam

Zet tien onderling totaal verschillende en eigengereide mensen bij elkaar en laat ze samenwerken: dat is de situatie van het groepje vaste voorgangers in onze Johannes de Doperkerk in Huizinge. Voordeel daarvan is dat het nooit saai of eentonig wordt. Dat zal in de kerkdiensten ook wel merkbaar zijn: dat ieder van ons zijn/haar eigen stijl van voorgaan heeft en eigen voorkeuren aan de dag legt. Die afwisseling van spijs doet eten, hopen we.

Samenwerken is een sleutelwoord. We zijn gewend om series kerkdiensten te houden rond een bepaald thema. Die thema’s worden in het begin van het nieuwe kalenderjaar vastgelegd voor het jaar daarop. Met andere woorden: de thema’s voor het jaar 2020 zijn kort geleden al gekozen. We hebben een lange lijst van onderwerpen, waar steeds nieuwe bij komen en oude worden afgevoerd.

Sommige thema’s staan al jaren op onze lijst, maar komen nooit aan de beurt.

Voorbeeld: ‘gruwelijke verhalen in  de bijbel’. Steeds weer doemt dat thema op in onze lijst, en steeds weer keuren we het af; het lijkt ons voor kerkgangers niet aantrekkelijk om een aantal zondagen achter elkaar geconfronteerd te worden met verhalen over moord en doodslag, incest en macho-gedrag. De bijbel is geen lief boek, maar er zijn grenzen.

Daaruit blijkt al, hoe subjectief onze keuzes zijn. Hoe kiezen we dan uit de vele mogelijke thema’s? Dat doen we via een eenvoudig systeem: ieder van ons kiest drie thema’s uit de lijst en die krijgen dan een stip. Thema’s die de meeste stippen krijgen worden verdeeld over het kerkelijk jaar en we vullen onze namen in bij de series, die ons aanspreken.

Per serie is één van ons de zgn. ‘voortrekker’. Die neemt de taak op zich -ruim voordat er een nieuwe serie begint- de voorgangers ervan bij elkaar te roepen om samen te overleggen. De voortrekker bereidt het thema enigszins voor, schrijft een algemeen inleidend stukje voor het boekje, dat Roely altijd per serie maakt, en leidt het onderlinge overleg. Zo voorkomen we dat er doublures ontstaan in schriftlezingen en zo bereiden we elke serie samen voor. Altijd bij de betreffende voortrekker thuis en ruim voorzien van koffie/thee en veel koek en chocolade.

In september houden we altijd een studiedag. Een mooie gelegenheid om onderling bij te praten en een van te voren gekozen onderwerp uit te diepen. Vorig jaar was er in augustus voor het eerst een bijeenkomst van de kerkenraad en alle voorgangers samen. Dat was een mooi initiatief van de kerkenraad en het lijkt een goede, nieuwe gewoonte. En in november of december evalueren we onderling het afgelopen kerkelijk jaar, de laatste tijd bij Caroline en Egbert thuis, die dan na afloop zorgen voor een heerlijke maaltijd.

Samenwerken, dat is de rode draad. Ik zei al: we zijn onderling zeer verschillend. Maar kenmerkend voor deze groep voorgangers is, dat we elkaar alle ruimte geven. Je mag jezelf zijn, en we schrijven elkaar de wet niet voor. Natuurlijk zijn er verschillen van inzicht, maar we nemen elkaar niet de maat. Ieder van ons beschouwt het als een groot voorrecht om te mogen voorgaan in Huizinge. Het bezig zijn met een bijbelfragment, de studie die dat met zich meebrengt: het voedt ons eigen geestelijk leven, het verrijkt ons daar onderling van gedachten over te wisselen. En wij voelen ons gezegend met mensen als Kees Steketee en Jan Smid, voor wie niets te gek is en die een enorm belangrijke rol spelen in de liturgie. Eigenlijk is iedere kerkdienst een dienst ‘met twee heren’: de één staat op de kansel, maar de ander zit op het orgel. En zo willen we dat graag houden!

Anja Diesemer

Aswoensdag 6 maart

Toelichting bij de dienst op Aswoensdag, 6 maart 2019 om zeven uur ’s avonds in de Johannes de Doper kerk in Huizinge. 

Aswoensdag is de naam van de woensdag die de afsluiting vormt van het carnaval en tegelijk de eerste dag is van de 40 dagen tijd, de tijd van bezinning en inkeer op weg naar de lijdensweek en Pasen. Op de avond van deze dag is er dienst in Huizinge. Tijdens deze dienst kunt u desgewenst een ‘askruisje’ ontvangen. Wij grijpen daarmee terug op een vóór – reformatorisch gebruik dat overigens nog leeft in vele katholieke parochies. Voor een toelichting: zie hieronder. 

Ik ben van plan om in de komende avonddienst gebruik te maken van twee symbolische handelingen of rituelen. Allereerst zal ik, als jullie de kerk binnenkomen, jullie een schaal aanbieden met daarin takjes van allerlei bomen en struiken. Je kunt daaruit iets kiezen en dat later aan mij teruggeven. De takjes die ik dan verzamel zullen verbrand worden en de as daarvan zal in de dienst zelf gebruikt worden. Zo wordt dus iets van jouzelf door het vuur teruggebracht tot haar oervorm. Het tweede ritueel bestaat uit het aanraken van een mengsel van olijfolie en de as die over is van wat ik van jullie kreeg. De olie staat voor vreugde en de as voor onze eindigheid. Ik zal die twee dingen mengen waarmee ik uitdruk hoezeer het leven een mengsel is van vreugde en verdriet en dat ons leven eindig is. Daarna zal ik het schaaltje met het mengsel aan jullie laten zien.  Je kunt dan – als je wil – je vinger erin steken, er wat van om je hand smeren of eraan ruiken. Desgewenst wil ik ook wel een beetje ervan op je voorhoofd smeren. Zo beeld je uit dat je die fundamentele eigenschap van je leven aanvaardt. 

Voedselbank

Actie voedselbank 

De diaconie organiseert weer een actie voor de Voedselbank het Hogeland. De Voedselbank het Hogeland verstrekt levensmiddelen aan de armste inwoners uit de huidige gemeenten Winsum, de Marne, Eemsmond, Bedum en een deel van de gemeente Loppersum, zoals Middelstum en Huizinge. In totaal mogen 180 cliënten 1 x per 2 weken producten uitzoeken voor hun gezin bij de voedselbank. Hiervoor is veel voedsel nodig; daarom wordt door vrijwilligers van de voedselbank dagelijks kort houdbare producten bij supermarkten, bakkers en slagers in het verzorgingsgebied opgehaald. Dit is echter niet toereikend. Daarom vragen we langer houdbare producten te doneren. 

Waar vooral behoefte aan bestaat zijn de volgende producten: – melk (houdbaar) – koffiemelk – rijst – pasta – blik- en potgroenten – suiker – wasmiddel 

Natuurlijk kan ook geld worden gedoneerd, dan koopt de voedselbank daar producten voor. 

De diaconie vindt het belangrijk om het werk van de voedselbank te ondersteunen; in januari en februari staat er een mand in de hal van de kerk voor uw praktische gaven. 

Zo lust ik er nog wel één, Kees Steketee!

Zo lust ik er nog wel één

Verzameling columns, door Kees Steketee

Elke week schrijft Kees Steketee een column in de provinciale krant van de PKN Groningen. Op gezette tijden verschijnt er van deze columns een verzamelbundel. Thans is het weer zover. In Zo lust ik er nog wel een zijn alle columns uit 2017 en 2018 opgenomen. Het gaat ver een nieuwjaarsreceptie, racisme, auteursrechten, vrouwen, de kabinetsformatie, gehoorbescherming, een biografisch leven, zegenen of inzegenen, een cartoonwedstrijd, organisten als erfgoed, de democratie, accijns op vliegen, dividendbelasting, studenten, wethouders, het fenomeen #MeToo, en nog veel meer. Met elkaar geven de columns een overzicht van datgene waar we ons de afgelopen twee jaar druk om maakten. Met humor, met ironie, met zelfspot, maar bovenal, als altijd, weer vol verbazing.

Dat alles in een 218 pagina’s tellend boek, te verkrijgen voor € 15,00.

Voor meer informatie, zie: www.keessteketee.nl

Het boek is overigens ook verkrijgbaar bij www.bol.comof de webwinkel van de uitgever: www.bestelmijnboek.nl.

Zo lust ik er nog wel één
Kees Steketee

218 blz.

ISBN 978-94-624-7116-0

Dorpskerkenbeweging

In de Protestantse Kerkbode van 22 december jl. stond een artikel met Jolanda Tuma.

Fuseren, deuren die sluiten, sloten die vallen in het krakende slot. Verstoten, afgedankt, weggepest naar de Stichting Oude Groninger Kerken omdat men niet mee kan komen in een tijdgeest waar de waan naar moderniteiten op grote schermen, in praktische vergaderzalen en een geur van synthetische kussens heerst…. Een stervende kerk weggedragen door dienders ooit gezeteld in een krakende Heerenbank.

Lees over een inspirerende onderstroom die hernieuwde ruimte schenkt, verbinding zoekt -voorzichtig op de tast- met de natuur in een ontluikende lenteknop. Ruimte die een podium biedt voor kunstvormen, cultuur of een akoestische weerklank schenkt voor muzikale inspiratie. Deuren die naar buiten open gaan, de dorpskerk als kloppend hart in levende dorpen…

Dicht bij het paradijs…

Uit: Kerk in Stad, 8 december 2018 – het informatie- en opinieblad van de Protestantse Gemeente Groningen

Gestuurd door Henk van Heuveln, via Peter en Anneke van Heuveln.